Jávea

Een voormalig piratennest

Jávea is zwemmen in kraakhelder, azuurblauw water, het inademen van de schoonste lucht van Spanje en uren kunt wandelen langs een prachtige kustlijn. Jávea, ook wel als Xàbia geschreven, heeft een ongekend mooie kust en doordat het gunstig gelegen is, een constant mediterraan klimaat. Het is ook niet voor niks dat hier steeds meer landgenoten naartoe trekken.

De schitterende boulevard van Jávea

Authentiek Spaans
Niet alleen voor overwinteraars is Jávea een leuke plaats om te verblijven. Eigenlijk iedereen is waarschijnlijk wel onder de indruk van de pracht van deze plek. Jávea bestaat uit drie delen, te weten de oude binnenstad (La Villa) waar nog restanten van piraterij en allerlei overheersingen van andere volkeren te vinden zijn, de haven en de ‘zandvlakte’. Jávea ligt perfect gesitueerd tussen Valencia en Alicante en is omringd door rotsen, bergen en een enorme verscheidenheid aan vegetatie. In de oude binnenstad zijn nog veel resten te vinden van de piraterij dat hier omstreeks de 14e eeuw plaatsvond. In de restanten van het fort zijn zelfs de overblijfselen van de kanonskogels nog zien. In het historisch centrum is het vooral genieten van een hapje en een drankje in één van de schattige cafeetjes, of het bezoeken van een grote food-markt die in de vroege ochtend omstreeks 8.00 uur de deuren opent. Een andere leuke markt die in het historisch stadscentrum te vinden is, vindt wekelijks plaats op de Plaza de la Constitución. Iets anders dat ook zeker de moeite waard is om te bezichtigen in Jávea, is het Archeologisch en Etnografische Museum ‘Soler Blasco’. Er zijn namelijk heel wat veroveringen en overheersers in dit deel van Spanje geweest die diepe sporen hebben nagelaten.

De ‘zandvlakte’ van Jávea

Het havengebied en de ‘zandvlakte’
De oudste restanten van de haven dateren uit de 15e eeuw. Helaas is hier niet veel meer van te zien. Destijds was de haven namelijk nog niet heel erg belangrijk. Vanaf 1871 werden er vanuit Jávea rozijnen verscheept. Dit heeft er voor gezorgd dat de haven ontwikkeld werd en in omvang toenam. Pas in de negentiende eeuw werd de haven een vissershaven, omdat er geen animo meer was voor rozijnen. Halverwege de negentiende eeuw heeft men de haven gemoderniseerd. Vandaag de dag is de haven het centrale centrum van Jávea en ´de ontmoetingsplek voor uitgaand publiek. Met de ‘zandvlakte’ wordt in Jávea het strand bedoeld. Het strand is namelijk bijna 20 kilometer lang. Het zeewater van de Middellandse Zee is hier nagenoeg altijd wel aangenaam. In de wintermaanden misschien niet om in te zwemmen, maar zeker wel om even een beetje te pootjebaden. Het is ook mogelijk om verschillende watersporten uit te oefenen in de zee bij Jávea, waaronder duiken. In de zomer kan men aan de boulevard bij het strand Playa del Arenal heerlijk genieten van een drankje met een hapje of gewoon een gezellig avondje uit.

Rondom Jávea zijn veel mooie stranden gelegen. Een voorbeeld hiervan, misschien zelfs één van de mooiste, is Playa de la Granadella, ook vaak Playa Granadella genoemd. Dit strand is in een baai gelegen en vanaf de berg boven het strand heeft men een prachtig uitzicht.